DOCU

We voegen hier enkele documenten toe die elders gepubliceerd werden:

Opiniestuk van studente An Van Eyck, BANABAstudente ouderencoaching aan de Thomas More hogeschool in Geel: een welgemeende sorry voor de “heteronormaliteit”.

OPINIE | Een welgemeende sorry voor de heteronormaliteit

“Voor een van onze vakken moesten we ons verdiepen in een onderwerp dat te maken had met ouderen. Samen met enkele klasgenoten hebben we dan ook een paper gemaakt, en houden we een lezing over LGBT-ouderen in het woonzorgcentrum. Tijdens het maken van dit werkstuk zijn mijn ogen ontzettend geopend. Ook ik bekeek de wereld veel te veel mee vanuit de ‘heteronormaliteit’.”

Een welgemeende sorry

Graag zou ik mijn tekst oprecht willen beginnen met mijn verontschuldigingen aan te bieden aan iedereen uit de LGBT-community.

Als toekomstig ouderencoach een werkstuk maken over LGBT-ouderen heeft voor mij op een aantal vlakken mijn ogen echt wel geopend. Ik wist niet dat ik zo naïef was en ik was er ook echt van overtuigd dat ik, als bijna veertiger, heel open in het leven stond, en dat ik ook op het vlak van LGBT niet wereldvreemd was.

Dat er anno 2019 nog steeds een groot taboe leeft rondom holebi’s en transgenders  is best wel choquerend. Dat mensen niet meer verdraagzaam zijn voor elkaar, ik kan er nog altijd niet echt bij.

Maar ik ben natuurlijk ook niet wereldvreemd,  dus nieuw is het jammer genoeg niet voor mij.

Toch dacht ik dat onze generatie en de jongere generaties veel opener en met een veel ruimere blik naar mensen kunnen kijken. Dat onze generaties veel meer weten dat ‘hetero’ zijn niet de norm is. En dat wij net doordat we digitaler zijn, ook veel meer geïnformeerd zijn.

Gelukkig heb ik door het maken van deze opdracht mijn blik kunnen verruimen en zijn mijn ogen geopend. Want eigenlijk wist ik bijna niets, en hield ik door mijn onwetendheid ook heel wat taboes staande.

Uit de kast

Het moet verdomd veel moed vragen om uit de kast te komen. Niet weten hoe je vrienden of familie gaan reageren. Hoe gaat de samenleving hier mee omgaan. Ik kan me alleen maar proberen voor te stellen hoe het moet zijn dat je deze moedige stap zou nemen.

Dat het leven een aaneenschakeling van coming-outs moet zijn, daar had ik zelf nog nooit bij stil gestaan. Je telkens weer opnieuw moeten verdedigen aan een samenleving die nog steeds niet helemaal heeft begrepen dat er ook mensen zijn die niet heteroseksueel zijn.

Als studente verpleegkundige in het woonzorgcentrum ging ik langs bij Jozef. Hij was een wat hulpbehoevende man die graag een praatje deed, en wel in was voor een grapje. Op een dag was ik nog wat rommel aan het opruimen, en viel mijn oog op een foto.

“Wat lijken je zussen sterk op jou”, zeg ik nog, om het gesprek verder te kunnen zetten. Jozef moest er om lachen.

De foto was een compilatie van Jozef in zijn transitie.

Hij vertelde het mij met trots. En ik, ik voelde me toch wel wat beschaamd. Het heeft me echt geleerd dat ik niet voor een ander mag invullen, maar mensen hun verhaal moet laten doen. Als ik nu bij mensen kom, zal ik veel sneller vragen naar wie er op een foto staat. Zo krijgen mensen zelf de kans om te kunnen vertellen wat ze willen.

Terug in de kast

Dat mensen terug in de kast kruipen omdat ze naar een woonzorgcentrum gaan, hoe verschrikkelijk moet dat niet zijn. Iedere mens (hetero, holebi, transgender, …) zou toch het recht moeten hebben om zich veilig en aanvaard te voelen. Je moet je  oude dag kunnen beleven zoals je dat zelf wil.

Hoe kan het mogelijk zijn dat LGBT-ouderen zich niet aanvaard of welkom voelen in een woonzorgcentrum? Dat mensen nog sneller in de eenzaamheid terecht komen.

Er is dus zeker nog wel wat werk aan de winkel.  Er heerst nog heel wat onbegrip, heel vaak uit onwetendheid of angst voor het onbekende. En toch zijn er heel wat dingen, die we door kleine concrete veranderingen kunnen aanpakken.

Het is goed om er bij stil te staan dat we onze ‘heterobril’ af moeten zetten, en de wereld eens wat ruimer te bekijken. Mensen niet in een vakje of hokje te plaatsen maar te bekijken als mens.

Heel veel aanpassingen kunnen gebeuren door gewoon basisrespect te tonen voor ieder mens. Respect voor diversiteit, in al zijn vormen. Mensen het gevoel geven dat ze welkom zijn, en dat er rekening wordt gehouden met iedereen.

Ik ben ervan overtuigd dat kennis delen en onwetendheid wegnemen mensen minder bang maakt, en laat openstaan voor andere. En dit moet eigenlijk al gebeuren in de kleuterklas. Niet alle meisjes zijn prinsesjes, en alle jongens stoere ridders. Het is oké om twee papa’s te hebben,…

Regenboogambassadeurs

Ik heb zelf een vorming bijgewoond van de Regenboogambassadeurs aan een multiculturele groep verzorgende. Het was een boeiende vorming, maar het heeft me ook aangetoond dat er nog heel wat werk aan de winkel is. En dan kan ik zelf niet anders doen, dan de regenboogambassadeurs zo veel mogelijk promoten.

Wat zij doen is geweldig werk. Het zijn ook super enthousiaste mensen die mij heel wat hebben bijgeleerd.

Ik ben blij dat ik via de opleiding die ik volg, toch weer heel wat meer heb bijgeleerd. En ga het leven meer vanuit de ‘mensbril’ bekijken, dan vanuit ‘mijn heterobril’.

Beeld: Sabine Van Erp, Pixabay

Ook de mutualiteiten vinden stilaan hun weg naar onze vereniging. Dat is belangrijk, zij hebben de vinger aan de pols van wat leeft in ons sociaal weefsel. Hierbij het interview dat Maggy Doumen gaf aan het ledenblad van de Socialistische mutualiteit. 10 S-PLUS – januari-februari-maart 2019

artikel 1: Maggy is coördinator van de Regenboogambassadeurs.
Ze wil sensibiliseren over oudere holebi’s. Zowel bij mensen die werken in de ouderenzorg, als bij studenten. Maar ook
ouderen zelf weten vaak nog niet genoeg over holebi’s en transgenders.
De Regenboogambassadeurs, wat is dat eigenlijk?
“De Regenboogambassadeurs zijn 10 jaar geleden gestart als werkgroep ‘Janus’ van het Roze Huis in Antwerpen. We vertrokken vanuit de vaststelling dat holebi’s weer ‘in de kast’ kruipen eens ze in een woonzorgcentrum terechtkomen. Daar bestaat nog vaak  holebifobie en transgenderfobie. Als ‘werkgroep’ waren we niet bekend.
Als Regenboogambassadeurs komen we naar buiten met een eigen website, een facebookpagina en folders. Zo kunnen we ons op veel plaatsen laten opmerken en actief zijn. Het wekt interesse, zowel binnen als buiten de holebigemeenschap.”
De Regenboogambassadeurs organiseren geen activiteiten, maar houden zich uitsluitend bezig met het sensibiliseren rond de problematiek?
“Er zijn bij het Roze Huis andere verenigingen die socio-culturele activiteiten organiseren. Bij ons hebben de vrijwilligers het engagement om te sensibiliseren. Wat de meesten van ons toch al 10 jaar volhouden. Ik vind dat fantastisch, want sensibiliseren is heel belangrijk.
Ook rond zelfmoord bijvoorbeeld. Laatst had ik nog een gesprek met een transvrouw die in haar omgeving dit jaar al 5 mensen kent die zelfmoord hebben gepleegd. Dat is een grote realiteit onder de holebi’s en nog meer bij transgenders. We
zouden campagne moeten voeren rond zelfmoordpreventie, zoals voor verkeersslachtoffers. Meestal zijn het jonge, krachtige mensen.
Maar doe het maar, als je de hele tijd gepest wordt en homofobe opmerkingen hoort. Als je de hele tijd denkt dat je nergens open kan zijn. Niet thuis, niet op school. Ze vinden vaak hun weg niet.”
Hoe ervaren jullie het klimaat rond holebi’s?
Dat moet toch niet makkelijk zijn?
“Over belangstelling hebben we niet te klagen. Er komt eindelijk wat interesse voor de oudere holebi’s en transgenders binnen de ouderensector. Leerkrachten
laten hun studenten er hun eindwerk over maken. Ook in de
media is er meer belangstelling.
De meesten van ons ervaren tegelijk wel dat het algemeen klimaat ‘verrechtst’. Dat uit zich in meer en meer repressie, discriminatie en geweld tegenover holebi’s. Sommigen denken dat de discriminatie tegenover holebi’s is opgelost. Ze mogen zelfs trouwen, er is toch geen probleem meer?
Maar we blijven een minderheidsgroep. Als er veranderingen
zijn binnen de maatschappij, zullen minderheidsgroepen een
eerste doelwit zijn. We mogen nooit denken ‘we zijn er’. Alle verworven rechten kunnen afgenomen worden. Ik denk dat
het nu meer en meer het moment is om de mensen daarvan bewust te maken. Daar werken we aan.
In woonzorgcentra kunnen we tegenwoordig gelukkig ook rekenen op veel belangstelling. Maar de opkomst op bijeenkomsten is zeer wisselend. Soms zitten er maar 3 mensen in de zaal. Het gebeurt dat mensen niet durven komen, omdat anderen dan zouden denken dat ze ook
‘zo’ zijn. Sommige directies vragen ons wel, maar willen zich niet engageren om veel volk naar de zaal te krijgen. Daar heb
je grote verschillen in. Ook van de kant van het personeel.”
Wat is dan het probleem?
“Er is dikwijls een tekort aan informatie. Directies en verzorgenden staan misschien wel open voor ons, maar denken er niet aan dat niet alle cliënten hetero’s zijn, en dat er wat meer nodig is om een holebi- en trangendervriendelijke instelling te zijn. Vaak gaat het simpel over het onthaal op een andere manier te doen. Of over de woordkeuze die men gebruikt. Niet vragen: ‘had je een man’ of ‘had je een vrouw’, maar ‘had je een partner’. Een algemene vaststelling is ook dat er nog te weinig literatuur over ouderenzorg of seks bij ouderen bestaat. Holebi’s worden daar niet, of zelden, in vermeld.”
Dus, durven open zijn op latere leeftijd is belangrijk?
“Veel holebi’s en transgenders moeten eigenlijk levenslang aan ‘coming out’ doen. Zo vertelde een dame me, dat als
ze zouden weten dat een man die daar in het rusthuis verbleef homo was, niemand nog met hem aan tafel wil zitten. Je moet
je maar eens afvragen wat dat doet met iemand? Is dat een waardig levenseinde? Tegen niemand meer iets kunnen zeggen. Je moet een rol spelen en je bent de hele tijd op je hoede. Want het is natuurlijk niet zo makkelijk om van rusthuis te veranderen. Zo zit je op het einde van je leven weer ‘in de kast’. Wij proberen de verhalen die we te horen krijgen naar
buiten te brengen in hun plaats.”
Het overal gangbaar maken vinden jullie meer een prioriteit dan ‘Roze Rusthuizen’ op te richten?
“We gaan zeker niet dwars liggen voor ‘Roze Rusthuizen’. Maar de meesten uit onze groep vinden dat we nu al zo lang
hebben gevochten tegen discriminatie. We willen ons niet weer laten wegduwen in een apart rusthuis. In Duitsland heeft
een directeur zijn centrum expliciet opengezet voor holebi’s. Dat heeft een enorm succes, niet enkel bij holebi’s. Het is net
omdat hij zich open opstelt, dat ook hetero’s zich daar goed bij voelen. Hier denken ze vaak omgekeerd, dat ze mensen
gaan kwijtspelen als ze dat doen. Waar we wel voor pleiten, is een systeem zoals de ‘roze loper’ in Nederland (een certificaat
voor zorginstellingen die aandacht besteden aan seksuele diversiteit bij cliënten en personeel nvdr). Waarom kunnen we
hier geen affiches hangen, waaruit blijkt dat een woonzorgcentrum zich openstelt voor holebi’s en transgenders, en ook mensen met een migratieachtergrond?”
Wanneer is een bijeenkomst gelukt voor jou?                           “We hebben enorm veel materiaal, van een fototentoonstelling tot documentaires. We hebben een aanbod van een hele reeks activiteiten. We zijn tevreden als
we veel reactie krijgen uit het publiek. Ze mogen ons allerlei vragen stellen, we gaan geen taboes uit de weg. Je maakt
ook grappige momenten mee, zoals die keer toen een leerkracht tegenover haar studenten bekende dat ze lesbisch was. De leerlingen reageerden nogal laconiek: ‘dacht je nu echt dat wij dat nog niet wisten’. Dan weet je zeker dat er nadien
nog over gesproken kan worden. Bij de ouderen zijn we tevreden als er een discussie op gang komt. Wanneer iemand
zegt ‘mijn kleinzoon is homo, en dat is een toffe gast’, dan komen de tongen vaak los. Dan is alles ineens bespreekbaar.”
Gertie Brouwers
Oproep:
Wil je de Regenboogambassadeurs steunen of actief helpen? Iedereen is welkom, holebi of niet. Neem zeker een kijkje op de website www.regenboogambassadeurs.be
Wie vragen heeft rond zelfdoding kan terecht op het gratis nummer 1813.

artikel 2: Roger Van Loon, regenboogambassadeur van het eerste uur en een boegbeeld van onze vereniging, gaf een interview aan Bond Moyson. Hij vertelt er over zijn niet evidente coming out. Roger behoort dan ook tot een generatie voor wie dit ook helemaal niet vanzelfsprekend was…

 

“MIJN VADER VROEG DE PASTOOR OF HOMO’S ÉCHT BESTONDEN”
“Als mijn zoon zoals jij was, dan sloeg ik hem met z’n kop tegen de muur.” De 1ste keer dat Roger Van Loon (vandaag 74) iemand toevertrouwde dat hij op mannen viel, verliep niet bepaald rimpelloos. 50 jaar later ziet Roger gelukkig een maatschappij die evolueerde. “Maar jezelf leren accepteren, blijft even moeilijk als 50 jaar geleden.”
Er zijn naar schatting 200 000 oudere holebi’s en transgenders in ons land. Roger Van Loon (74) getuigt over zijn coming-out.

Tussenkomsten tijdens het symposium gerealiseerd door het Ministerie van Welzijn, agentschap Zorg en Gezondheid in samenwerking met vzw KLiQ op 19 januari 2017 in Gent: Tachtig tinten. Genderidentiteit en seksuele diversiteit in woonzorgcentra

Diversiteitsbeleid en gender mainstreaming in woonzorgcentra – Mark Leys 

Huist de heteronorm nog in het WZC? Oudere holebi’s (on)gezien – Katrien Van Leirberghe 

Genderidentiteit en seksuele identiteit binnen Kwaliteitszorg – KliQ vzw en Goudsblomme (Woonzorggroep GZA) 

Lezing ‘Oudere holebi’s: noden en behoeften’ – Alexis Dewaele

Lezing ‘Zorg voor transgender ouderen: noden en uitdagingen’ – Joz Motmans

‘Transgender zijn’ in de derde en vierde leeftijd – Griet De Cuypere 

Zorgethiek – Katrien Ruytjens

Tussenkomsten op de studievoormiddag op 19 april 2018 in datzelfde kader: